Download
cursus Word 2010 en start met leren...
Inhoud
| Algemeen | Basisvaardigheden
| Wijzigingen
aanbrengen | Tekst
opmaken | Alinea's
indelen | Pagina's
opmaken | Afdrukken
De cursus Word 2010 op deze website wordt u gratis door
Cursusentraining.nl
aangeboden. Alle elementaire onderdelen van Word 2010, de
veranderingen en de verbeteringen, worden uitgebreid behandeld
en met duidelijke afbeeldingen en teksten ondersteund. Alle
antwoorden op uw Word 2010 vragen vindt u op deze website.
-
U kunt nu snel en direct deze cursus Word
2010 als PDF-bestand downloaden.
Klik hiervoor op onderstaande bestelknop. Prijs: €
4,95 ( per IDEAL of telefoon )
|
Word 2010 | Werken in een document
3.1.1
Werken met de muis
Als
u voor het verplaatsen van de cursor de muis gebruikt, wijst u
op de plaats waar de cursor moet komen en klikt. U ziet het knipperende
streepje op de nieuwe plaats verschijnen. Wanneer de plaats waar
de cursor moet komen niet zichtbaar is in het venster, gebruikt
u eerst de schuifbalk rechts in het venster om het tekstdeel in
beeld te krijgen.
Wilt u de cursor verplaatsen naar het blanco onbeschreven gedeelte
van een document dan moet u in plaats van één keer
klikken, dubbelklikken.
U
kunt de cursor naar een bepaald punt verplaatsen, bijvoorbeeld
het begin van de volgende pagina of naar de volgende tabel.
1.
Klik op de knop Bladerobject selecteren. Deze knop bevindt zich
rechts onder in uw scherm.
2. In het venster wat dan zichtbaar wordt klikt u links op de
pijl Ga naar.
U
kunt in het scherm wat dan verschijnt, aangeven waarheen u de
cursor wilt verplaatsen. Bijvoorbeeld naar een afbeelding, naar
een tabel, enzovoort. Door een getal ernaast te typen gaat u naar
een bepaalde pagina of afbeelding. In plaats van een getal kunt
u ook + of – typen om naar de volgende of vorige te gaan.
Met +4 gaat u vier pagina’s of afbeeldingen verder.
Klik daarna op de knop Ga naar.

3.1.2 Werken met het toetsenbord
Gebruikt u voor het verplaatsen van de cursor het toetsenbord,
dan hebt u erg veel mogelijkheden.
3.2
Selecteren van teksten
Tijdens
het bewerken van een document zult u regelmatig stukken tekst
moeten selecteren. Dit doet u om aan te geven dat er ‘iets’
met deze tekst moet gaan gebeuren. Als de tekst is geselecteerd,
krijgt deze een blauwe achtergrondkleur. U kunt selecteren met
de muis, met het toetsenbord maar ook beide gecombineerd.

3.2.1
Selecteren met de muis
Met de muis selecteert u op de volgende manier een stuk tekst.
• Plaats de muisaanwijzer aan het begin van de tekst die
u wilt selecteren en druk de linkermuisknop in.
• Sleep tot het einde van de tekst die geselecteerd moeten
worden en laat de muisknop los.
Om
een gemaakte selectie op te heffen klikt u ergens buiten het geselecteerde
gebied. U verplaatst dan overigens ook de cursor.
Voor
het selecteren van grotere stukken tekst kunt u ook als volgt
te werk gaan:
•
Wijs met de muisaanwijzer in de linkermarge voor de tekst. Dit
is het selectiegebied en de muisvorm is een witte pijl die naar
rechtsboven wijst.
• Maak een keuze uit de volgende mogelijkheden:
De
hele regel > één keer voor een regel te klikken
De hele alinea > twee keer voor een regel te klikken
Het hele document > drie keer voor een regel te klikken of
Ctrl ingedrukt te houden en één keer te klikken
Een woord > te dubbelklikken op het woord
Een zin > Ctrl ingedrukt te houden en in de zin te klikken
Het hele document > start, bewerken, selecteren, alles selecteren
Losse tekstdelen > het eerste gebied normaal te selecteren
Het volgend gebied > met ctrl ingedrukt te selecteren
3.2.2
Selecteren met het toetsenbord
Op de volgende manier selecteert u tekst met het toetsenbord:
•
Plaats de cursor aan het begin van de tekst die geselecteerd moet
worden.
• Druk de Shift-toets in en houd deze ingedrukt.
• Gebruik de pijltoetsen om de tekst te selecteren. U mag
ook de ander verplaatsingstoetsen (Start, End, Ctrl+?, PageDn,
Enzovoort) gebruiken om grotere afstanden af te leggen.
• Laat de Shift-toets los als de gewenste tekst is geselecteerd.
U kunt bij een al gemaakt selectie ook altijd de Shift-toets gebruiken
om een selectie verder uit te breiden of kleiner te maken. Met
Ctrl+a selecteert u het hele document.
3.2.3
Muis en toetsenbord tegelijkertijd
De hierboven genoemde manieren kunnen ook tegelijkertijd gebruikt
worden. Zo kunt u bijvoorbeeld met de muis de cursor op een plaats
zetten, Shift ingedrukt houden en dan ergens anders met de muis
klikken om te selecteren. Of u selecteert met de muis een gebied
en dan breidt u dat later met Shift+ klikken uit of krimpt u het
in.
3.3
Ongedaan makenen opnieuw uitvoeren
Tijdens het werken wil het nog wel eens gebeuren dat u een wijziging
maakt in uw document waarvan u dacht ‘dat was fout, niet
precies de bedoeling!’. Direct nadat u dit constateert,
kunt u de knop Ongedaan maken gebruiken om uw laatste actie ongedaan
te maken. U vindt deze knop op de werkbalk Snelle toegang.
Achter
deze knop staat een ?waarmee u kunt zien welke acties in welke
volgorde uitgevoerd zijn. In die volgorde kunt u ze ook weer ongedaan
maken.
De
knop rechts ernaast is de knop Opnieuw uitvoeren. Hiermee maakt
u het ongedaan maken juist weer gedaan! De knop kan ook Herhalen
betekenen. Dan wordt de laatste actie herhaald.

3.4 Tekst verwijderen
Als u tekst wilt verwijderen gebruikt u de Backspace en Delete
toetsen op uw toetsenbord.
•
Backspace wist één teken vóór de cursor
• Delete wist één teken achter de cursor
Wanneer
u deze toetsen langer ingedrukt houdt, herhalen ze zich. U wist
dan meer tekens tegelijk.
Dit geldt ook voor het typen. Wanneer u een toets te lang ingedrukt
houdt, repeteert de toets ook. Wilt u grotere stukken tekst wissen
dan doet u dat als volgt:
•
Selecteer de tekst en gebruik daarna Backspace of Delete
• Vanaf de cursor tot het begin van het woord: Ctrl+Backspace
• Vanaf de cursor tot het einde van het woord: Ctrl+Delete
3.5
Pagina einde
Als u een tekst aan het maken bent, begint Word vanzelf op een
nieuwe pagina als de huidige vol is. U hoeft hier dus niets bijzonders
voor te doen. Als Word vanzelf op een nieuwe pagina begint, wordt
dat ook wel een automatisch pagina-einde genoemd.
Verder zijn er enkele mogelijkheden om pagina’s of pagina-einden
in te voegen in een document. In alle gevallen hebt u het tabblad
Invoegen nodig.
3.5.1
Pagina-einde invoegen
Soms wilt u al op een nieuwe pagina beginnen als de huidige nog
niet vol is. Dan moet u dit zelf aangeven. Dit doet u als volgt:
•
Kies het tabblad Invoegen
• Klik op Pagina-einde
Het
pagina-einde komt dan op de plaats van de cursor. Stond er al
tekst achter de cursor, dan zal deze doorschuiven en op de nieuwe
pagina verschijnen. De sneltoets voor een pagina-einde is Ctrl+Enter.
3.5.2
Lege pagina invoegen
Nieuw in Word is de mogelijkheid van het invoegen van een lege
pagina in een document. Wanneer u midden in een bestaande tekst
een nieuwe lege pagina wilt opnemen, kunt u deze invoegen met
de knop Lege pagina in de groep Pagina’s.
3.5.3
Voorblad maken
Wanneer u bij een document aan het begin een extra pagina wilt
opnemen, gebruikt u de knop Voorblad.
Met
deze knop kunt u kiezen uit een groot aantal voorbeelden van voorbladen.
In alle gevallen zal er vóór de eerste pagina van
het document een extra bladzijde komen met een bepaalde pagina-indeling.
Op deze pagina kunt u eenvoudig gegevens invullen. Meestal zijn
dit gegevens als de titel en subtitel, de datum en een korte beschrijving
van de inhoud.
Wanneer een document al een voorblad heeft en u voegt een ander
voorblad in, zal het oude voorblad vervangen worden door het nieuwe.
Sommige gegevens zullen overgenomen worden. Als u bijvoorbeeld
een titel hebt getypt, wordt deze ook als titel geplaatst op het
nieuwe voorblad. Om een voorblad te verwijderen:
•
Klik op het tabblad Invoegen
• Klik op Voorblad
• Klik op Huidig voorblad verwijderen
3.6
Speciale tekens, symbolen en accenten
Niet alle tekens komen voor op het toetsenbord. Speciale tekens
of symbolen als zoals ?, of het copyrightteken © staan er
meestal niet op. Dit soort tekens kunt u toevoegen aan uw teksten
door het teken op te zoeken in een lijst en daarna in te voegen.
Voor sommige symbolen en tekens met accenten, zoals het accent
aigu (é) en accent grave è is er ook een toetsencombinatie
die u kunt gebruiken voor het invoeren.
3.6.1
Speciale tekens en symbolen
Om deze tekens op te nemen gebruikt u de tab Invoegen. Aan het
einde hiervan ziet u de knop Symbool.
Er
verschijnen twintig tekens waaruit u direct een keuze kunt maken.
Door te klikken op Meer symbolen krijgt u nog veel meer symbolen
te zien. U ziet in het dialoogvenster een vak Lettertype. Telkens
als u hier een ander keuze maakt, wijzigt de lijst met symbolen.
Vindt u dus niet zo snel het gewenste teken, kies dan een ander
lettertype.
In
het lettertype normale tekst vindt u onder andere tekens met accenten.
Er zijn ook een paar lettertypen zoals Wingdings en Webdings met
symbolen in de vorm van plaatjes.
3.6.2
Toetscombinaties
In het dialoogvenster Symbool ziet u bij een aantal tekens een
sneltoets staan. Als u deze sneltoets kent kunt u zonder het dialoogvenster
op te roepen dat teken maken. Voor een ½ gebruikt u bijvoorbeeld
Alt+Ctrl+7 en voor een ˜ 2248 Alt x.
Voor
de tekens met accenten in de Nederlandse taal is het gebruik van
de accenten overal hetzelfde: u drukt op Ctrl plus een accent
en daarna de klinker waar het accent op moet komen. In sommige
gevallen is het accent een teken dat als bovenste teken op een
toets staat: u moet dan naast de Ctrl-toets ook de Shift-toets
ingedrukt houden. Vergeet niet om na het accent in combinatie
met Ctrl (en eventueel Shift) deze toetsen los te laten en dan
pas de klinker te typen.
´
enkel aanhalingsteken accent aigu é á í ó
ú
‘ op het toetsenbord links van de 1 accent grave è
à ì ò ù
^ boven de 6 accent circumflex ê â î ô
û
: boven de ; trema ë ä i o u
, komma naast m cedille ç
3.7 Tekst verplaatsen
Het
zal regelmatig voorkomen dat u een tekst wilt verplaatsen. Dat
verplaatsen kan binnen een document, maar het kan ook van het
ene document naar een ander document. Er zijn verschillende mogelijkheden
om te verplaatsen: knippen en plakken, en verslepen.
3.7.1
Knippen en plakken
Voor zowel het knippen als het plakken zijn veel mogelijkheden
voorhanden. Op het lint in het tabblad Start vindt u in de groep
Klembord een knop om te knippen en te plakken.
Wanneer u deze manier kiest, maakt u gebruik van het Klembord.
Als u dat wilt, kunt u het klembord zichtbaar maken door op de
te klikken in de groep Klembord op het lint. U krijgt dan het
taakvenster in beeld.

Wilt u op deze manier tekst verplaatsen, dan gaat dat als volgt:
•
Selecteer de tekst die verplaatst moet worden
• Klik op Knippen; de geselecteerde tekst is verdwenen
• Geef de plaats aan waar de tekst moet komen door met de
cursor op die plek te gaan staan (dit kan in hetzelfde document
zijn, maar ook in een ander document)
• Klik op Plakken
Ook
in het snelmenu van de rechtermuisknop ziet u de mogelijkheid
om te knippen en te plakken. Door op de rechtermuisknop te klikken
als u met de muisaanwijzer in de geselecteerde tekst wijst!
Als
u het taakvenster Klembord ziet, kunt u de geknipte tekst ook
plakken door op de geknipte tekst in het Klembord te klikken.
Dit taakvenster kan na enkele keren knippen (of kopiëren)
automatisch verschijnen. U kunt het ook zelf oproepen door op
de pijl in het venster te klikken. (zie ook 3.8.4 Taakvenster
klembord)
Na
het plakken ziet u meteen een knopje verschijnen in de tekst,
dit is de knop Plakopties. Meer hierover vindt u onder paragraaf
3.8.3 Plakopties-knop.
3.7.2 Verslepen
De andere manier van tekst verplaatsen is het slepen naar de nieuwe
plaats. Bij deze methode maakt u geen gebruik van het Klembord.
Deze methode is het handigste als u tekst moet verplaatsen over
een kleine afstand en als u goed overweg kunt met de muis.
•
Selecteer de tekst die verplaatst moet worden
• Plaats de muisaanwijzer in de geselecteerde tekst, druk
op de linkermuisknop en houd deze ingedrukt
• Sleep de tekst naar de nieuwe plaats
• Laat de muisknop los
3.8
Tekst kopiëren
Soms hebt u een stuk tekst vaker nodig. U kunt dan tekst kopiëren
en op een andere plaats opnieuw gebruiken. Net als het verplaatsen
kan dit binnen één document plaatsvinden, maar ook
van het ene document naar het andere document. Ook voor het kopiëren
zijn verschillende mogelijkheden.
3.8.1 Kopiëren en plakken
Wanneer u deze manier kiest, maakt u gebruik van het Klembord.
Als u dat wilt, kunt u het klembord zichtbaar maken door op de
te klikken in de groep Klembord op het lint. U krijgt dan het
taakvenster in beeld.
Wilt
u op deze manier tekst kopiëren, dan gaat dat op de volgende
manier:
• Selecteer de tekst die gekopieerd moet worden
• Klik op Kopiëren; de geselecteerde tekst blijft staan,
want u hebt een kopie gemaakt
• Geef de plaats aan waar de tekst moet komen (dit kan in
hetzelfde document zijn, maar ook in een ander document)
• Klik op Plakken
Voor
zowel het kopiëren als het plakken zijn veel mogelijkheden
voorhanden. Op het lint vindt u in de groep Klembord een knop
om te kopiëren en te plakken.
Ook
in het snelmenu van de rechtermuisknop ziet u deze mogelijkheden.
Denk erom: op de rechtermuisknop klikken als u met de muisaanwijzer
in de geselecteerde tekst wijst!
Als u het taakvenster Klembord ziet, kunt u de gekopieerde tekst
ook plakken door op de tekst in het Klembord te klikken. Direct
na het plakken ziet u een knopje verschijnen in de tekst, de knop
Plakopties.
3.8.2
Verslepen
De andere manier van kopiëren en slepen naar de nieuwe plaats.
•
Selecteer de tekst die gekopieerd of verplaatst moet worden
• Plaats de muisaanwijzer in de geselecteerde tekst en druk
op de rechtermuisknop en houd deze ingedrukt
• Sleep de tekst naar de nieuwe plaats
• Laat de muisknop los. U krijgt een snelmenu in beeld waarin
u kunt kiezen voor Hierheen verplaatsen of Hierheen kopiëren
3.8.3
De knop plakopties
Wanneer u tekst plakt met de knop Plakken of vanaf het Klembord,
verschijnt onder de geplakte tekst een knopje. Wanneer u verder
werkt, zal dit knopje vanzelf verdwijnen. Direct na het plakken
kunt u dit knopje gebruiken om de manier van plakken te bepalen.
Als u wijst op een van de mogelijkheden, ziet u hoe de geplakte
tekst er dan uit komt te zien. Klikt u op één van
de mogelijkheden dan zal het plakken op die manier pas echt plaatsvinden.

3.8.4 Taakvenster Klembord
In het taakvenster Klembord kunt u zien wat er nog geplakt kan
worden. Telkens als u een opdracht geeft tot knippen of kopiëren,
wordt de geselecteerde tekst op het Klembord geplaatst. Met de
knop Plakken in de groep Klembord plakt u altijd het geselecteerde
deel dat het laatst is geknipt of geplakt. Dit staat op het Klembord
bovenaan. Vanaf het Klembord kunt u echter ook eerder geknipte
of gekopieerde tekst plakken.
•
Roep het Klembord op met de pijl in de groep Klembord
• Klik de tekst aan die u wilt plakken. De tekst komt op
de plaats van de cursor te staan
•
Met de knop Alles plakken kunt u alle elementen van het Klembord
in één keer in uw document plaatsen
• Met de knop Alles wissen kunt u het Klembord leegmaken
• Door een onderdeel aan te wijzen verschijnt erachter een
?. Klikt u op deze ?, dan kunt u dat onderdeel verwijderen
• Met de knop Opties onderaan kunt u het Klembord instellen