Download
cursus Word 2010 en start met leren...
Inhoud
| Algemeen | Basisvaardigheden
| Wijzigingen
aanbrengen | Tekst
opmaken | Alinea's
indelen | Pagina's
opmaken | Afdrukken
De cursus Word 2010 op deze website wordt u gratis door
Cursusentraining.nl
aangeboden. Alle elementaire onderdelen van Word 2010, de
veranderingen en de verbeteringen, worden uitgebreid behandeld
en met duidelijke afbeeldingen en teksten ondersteund. Alle
antwoorden op uw Word 2010 vragen vindt u op deze website.
-
U kunt nu snel en direct deze cursus Word
2010 als PDF-bestand downloaden.
Klik hiervoor op onderstaande bestelknop. Prijs: €
4,95 ( per IDEAL of telefoon )
|
Word
2010 Algemeen
1.1
Word 2010 opstarten
U
kunt rechtstreeks naar Word 2010 gaan door middel van het icoontje
op uw bureaublad. Door hierop dubbel te klikken wordt Word 2010
opgestart
Mocht
het ikoontje niet op uw bureaublad staan dan gaat u via de Startknop
naar Word 2010
• Klik op de Startknop van de taakbalk
• Klik onderaan de taakbalk op Start - Programs
- Microsoft Word 2010
1.2
Word 2010 verkennen
Het
verschil tussen Word 2010 en Word 2003 is groot. Versie 2010 ziet
er heel anders uit en daarmee is ook de bediening anders. Hebt
u met Word 2003 gewerkt of een oudere verse dan moet u waarschijnlijk
even wennen.
Het verschil met Word 2007 is niet zo groot. Het belangrijkste
verschil is dat in plaats van de grote Office knop linksboven
er nu een extra tabblad is, genaamd Bestand.
1 .2.1 Het lint: tabbladen, groepen en opdrachten
Hieronder ziet u het lint, het gedeelte aan de bovenkant van het
Word-venster. Met het lint geeft u opdrachten.
De
drie onderdelen van het lint zijn tabbladen, groepen en opdrachten.
Het
lint bevat drie basisonderdelen. Het is nuttig om te weten hoe
de verschillende onderdelen heten zodat u begrijpt hoe u deze
kunt gebruiken.
1. Tabbladen. Langs de bovenkant bevinden zich acht basistabbladen.
Elk tabblad vertegenwoordigt een activiteitengebied.
2. Groepen. Elk tabblad bevat verschillende groepen, waarin verwante
items samen worden weergegeven.
3. Knoppen. In elke groep staan knoppen waarmee u opdrachten kunt
geven.
Alle items op een tabblad zijn zorgvuldig geselecteerd al naargelang
de activiteiten die u als gebruiker uitvoert. Zo bevat het tabblad
Start alle items die u het meest gebruikt, zoals de opdrachten
in de groep Lettertype waarmee u het lettertype kunt wijzigen:
Lettertype, Tekengrootte, Vet, Cursief, enzovoort.
1.2.2
Tab bestand
Bovenaan links in het lint ziet u als eerste tabblad het tabblad
Bestand. U kunt vanuit dit tabblad allerlei opdrachten geven zoals:
beginnen met een nieuw document, een document openen, opslaan
of afdrukken, en stoppen met een document.
•
Klik op het tabblad Bestand
• Voer de gewenste handeling uit
U
kunt op de volgende drie manieren terugkeren naar uw document
1. Klik nog eens op het tabblad Bestand
2. Klik op een ander tabblad
3. Klik op de Esc knop van uw toetsenbord
1.2.3 Dialoogvenster
Bij sommige groepen wordt u in de rechterbenedenhoek een kleine
schuine pijl weergegeven.
Deze pijl is een startpictogram voor een dialoogvenster. Als u
erop klikt, krijgt u meer opties te zien die verband houden met
die groep.
1.2.4 Taakvenster
Bij sommige opdrachten de u geeft verschijnt een taakvenster.
In een taakvenster kunt u een bepaald proces uitvoeren of verdere
instellingen bepalen.
Een
voorbeeld is het taakvenster Klembord. Bovenaan in het taakvenster
staat de naam. Door op de ? te klikken kunt u het taakvenster
verplaatsen, de afmetingen wijzigen of het taakvenster sluiten.
U kunt het taakvenster ook afsluiten door rechts bovenin op het
kruisje te klikken.
1.2.5 Werkbalk snelle toegang
Bovenaan links ziet u enkele knoppen naast elkaar staan. Dit is
de werkbalk Snelle toegang. Deze knoppen zijn met één
klik beschikbaar. In eerste instantie vindt u hier knoppen voor
opslaan, ongedaan maken en opnieuw uitvoeren.
Aan
deze werkbalk kunt u op twee manieren knoppen toevoegen die u
handig vindt.
•
Klik op ? aan het einde van de Werkbalk snelle toegang
• U kunt nu zelf de Werkbalk snelle toegang aanpassen
• Klik op de opdracht die u toe wilt voegen en die nog niet
is aangevinkt
• Klik op een opdracht met een vinkje ervoor om de opdracht
te verwijderen die u niet meer wenst
Of
• Klik met de rechtermuisknop op een knop van het lint
• Klik Werkbalk snelle toegang aanpassen
1.2.6 Statusbalk
Helemaal onder in uw beeldscherm ziet u informatie op de statusbalk
staan. U kunt met de rechtermuisknop deze balk klikken om extra
onderdelen te tonen of te verbergen. Nadat u uw keus heeft gemaakt
klikt u ergens buiten het menu om dit te laten verdwijnen.
1.2.7 Contextgevoelige tabbladen
Tijdens het gebruik van bepaalde onderdelen, zoals afbeeldingen
en tabellen wordt er een extra tabblad aan het lint toegevoegd.
Dit extra tabblad is te gebruiken bij dit onderdeel. Zodra u niet
meer met dit onderdeel werkt, verdwijnt het tabblad vanzelf.
1.2.8 Miniwerkbalk
Zodra u tekst selecteert, verschijnt er een werkbalk; eerst vaag,
maar als de muisaanwijzer erop staat duidelijker. Daarop ziet
u knoppen voor veelgebruikte handelingen met geselecteerde teksten.
1.2.9 Snelmenu
U komt in het snelmenu door als u iets aanwijst op uw rechtermuisknop
te klikken. Het menu wat verschijnt, is het snelmenu. Daarnaast
verschijnt ook de miniwerkbalk. Hierin staan opties die vaak gebruikt
worden bij het onderdeel waarop u met de rechtermuisknop hebt
geklikt. Bij geselecteerde tekst bijvoorbeeld hoe deze geknipt,
gekopieerd of opgemaakt kan worden.

1.2.10 Verticale schuifbalk
Rechts in het venster ziet u een verticale schuifbalk met daaronder
bladerknoppen.
1. Door met de muis op deze schuifbalk te gaan staan en de linkermuisknop
ingedrukt te houden kunt u snel door uw document heen gaan.
2. De dubbele pijltjes onderaan geven de mogelijkheid om door
het document te bladeren.
3. Door op Bladerobject selecteren te klikken verschijnt er een
keuze menu. Kies op welke wijze u door het document wilt bladeren.
Zodra u dat gedaan heeft en u weer op de dubbele pijltjes klikt
wordt op die wijze door het document gebladerd.

1.2.11
Help
Als u er even niet uitkomt, kunt u altijd de helpfunctie raadplegen.
•
Klik rechtsboven in het venster op een knop met een vraagteken
• Het venster Help voor Word verschijnt
• Typ het trefwoord in het witte veld
• Klik vervolgens op Zoeken
• Er verschijnt een lijst van de gevonden onderwerpen
• Klik op het onderwerp waarvan u denkt dat het antwoord
geeft op uw vraag

Boven
in het venster Help voor Word verschijnen een aantal knoppen.
1.
Ga terug naar het vorige venster
2. Ga vooruit naar het volgende venster
3. Stop het zoeken
4. Vernieuw het venster
5. Ga terug naar start de hoofdonderwerpen
6. Druk het onderwerp af
7. Vergroot of verklein het lettertype in het helpscherm
8. Toon of verberg de inhoud van de hulpvensters in het linkergedeelte
9. Het help venster ligt al dan niet op de voorgrond
1.3
Word 2010 afsluiten
Aan de rechterkant van het lint vindt u naast de helpfunctie vier
systeemknopjes:
•
Het eerste dient om het venster van het programma te verkleinen
tot in de Taakbalk van Windows.
• Het tweede dient om het venster te verkleinen tot op een
gekozen formaat.
• Het derde dient om het venster van Word te sluiten.
• Het vierde dient om het lint te minimaliseren.